Opwerpen van hooioppers tussen 2023-2030. V.l.n.r.: Jan Bijsterveld, Roelf Datema, Everdienus Datema. Beeldbank Groningen – Collectie HKU. Met AI ingekleurd.

Jubileum Historische Kring

Een eeuw leven en werken in Ubbega

Op 6 mei werd het jubileumboek ter gelegenheid van 30 jaar Historische Kring Ubbega ten doop gehouden in dorpshuis Ubbegaheem te Sauwerd. Hieronder een samenvatting van de presentatie die de schrijver ter gelegenheid hiervan hield.

Door Bé Kuipers

We gaan terug naar het begin van de vorige eeuw. Naar de dorpen Adorp, Sauwerd en de Wetsinges. Daar groeide een generatie op die we bijna niet meer kennen. In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw werden de mensen geboren die Bé Kuipers heeft gesproken. Eddie, Harm, Gé, Pie & Trientje, Henk en Albert (2x), allen geboren in de jaren ’20. De anderen die ik interviewde zijn in de jaren dertig geboren. Een klein groepje van hen is er nog: Jan, Frits, Wolter, Asje, Roelf, Jan Anne en Klaas.

Het leven was eenvoudig en hard

In die crisisjaren was het leven sober. Gezinnen woonden in kleine huizen, vaak met bedsteden. Er was één kachel in de kamer, gestookt met turf of kolen. Water kwam uit een regenbak of put, en elektriciteit was nog lang niet overal. Op het menu stonden vooral aardappelen, seizoensgroenten, brood en pap. Vlees was voor zondag.

Koemelkershuizen aan de Wierumerschouwsterweg. Alle ongeveer hetzelfde ontwerp met een schuur erachter.
De Spar-winkel van Frouws.

In de winter was er weinig werk, veel armoede, en men was afhankelijk van de kerk of de minimale steun van de staat. Sommigen begonnen een klein winkeltje in de voorkamer of in de gang. Boerenarbeiders hielden soms zelf een paar koeien. Paarden waren de belangrijkste krachtbron en veel werk gebeurde nog met de hand.

Jongens gingen vaak direct na de lagere school meehelpen bij de boer om geld binnen te brengen. Doorleren was een luxe die weinig gezinnen zich konden veroorloven. Meisjes hielpen in het huishouden. De kerk bepaalde voor een groot deel de moraal en het gezag, en mensen hielpen elkaar in moeilijke tijden. Tegelijk was de sociale controle groot: iedereen wist alles van elkaar. In de dorpen waren verrassend veel kleine winkels, want koelkasten bestonden nog niet. Je kocht dagelijks wat je nodig had.

De oorlog komt

De door de Nederlandse militairen opgeblazen brug, vlak voor de Duitse inval, bij Wierumerschouw. Dat was overigens van geen enkel strategisch belang, de Duitsers maakten een kleine omweg via Groningen.

De Tweede Wereldoorlog voelde in deze dorpen anders dan in de grote steden. Er was geen honger. Iedereen had een groentetuin en haalde melk bij de boer. In het begin waren de Duitsers zelfs vriendelijk; Nederlanders werden als broedervolk gezien. Maar vanaf 1942 veranderde dat. Radio’s moesten worden ingeleverd, kranten werden gecensureerd, verduistering was verplicht en er gold een spertijd van acht uur ’s avonds tot zes uur ’s ochtends.

Alles ging op de bon. Mannen tussen de 18 en 40 werden opgeroepen voor de Arbeitseinsatz in Duitsland. Velen doken onder, vooral bij boeren.

In het laatste oorlogsjaar kwamen evacués uit het westen en zuiden. Er was klein en groot verzet, maar ook onderdrukking, marteling en wegvoering. Sommige inwoners belandden in het Scholtenhuis in Groningen. In 1942 kreeg de gemeente een NSB-burgemeester, Karres.

Joden woonden er niet in de gemeente, maar er kwam wel een verordening om zich als Jood aan te melden. Huizen en boerderijen werden gevorderd, waaronder huize Spoorzicht en de boerderij van Veldman op Hekkum.

Huis Rozema, aan de prov.-weg in Sauwerd. In de garage kerkte de eerste jaren de Vrijgemaakte kerk. Men zong psalmen onder begeleiding van iemand van het muziekkorps met een trompet.

Tijdens de oorlog brak ook een diepe kerkscheuring los onder de gereformeerden. In 1944 scheidden de Vrijgemaakten zich af. In Sauwerd stonden kerkleden ineens lijnrecht tegenover elkaar. Families raakten verdeeld. Op zondag groette men elkaar niet meer op straat. In Adorp speelde de scheuring veel minder.

Bevrijding en daarna

Op 17 april 1945 kwamen de Canadezen via Dorkwerd en Wierumerschouw binnen. De dorpen waren binnen een oogwenk bevrijd. Duitsers die niet meer konden vluchten, werden krijgsgevangen gemaakt. De Binnenlandse Strijdkrachten namen het gezag over om wraakacties te voorkomen. Moffenmeiden werden publiekelijk kaal geknipt.

Direct na de bevrijding brak de strijd in Nederlands-Indië uit. Ook jongens uit Adorp en Sauwerd werden erheen gestuurd, onder anderen Henk Berghuis. De dorpen bleven de eerste jaren klein en sober. Armoede nam af, maar echte welvaart was er nog niet. Men was grotendeels zelfvoorzienend. Het verenigingsleven kwam weer op gang: fanfarekorpsen, toneelgroep Het Venster, zangkoor Soli Deo Gloria.

Er was veel achterstallig onderhoud. Distributiebonnen bleven nog jaren bestaan. Er was een groot woningtekort, vooral door de geboortegolf. Jonge gezinnen woonden vaak bij ouders in. Langzaam kwam de mechanisatie op gang in de landbouw. Tractoren vervingen paarden. Boerderijen werden groter, kleine boeren verdwenen.

Een typische jaren vijftig-foto. Men kon toen nog bijna zonder omkijken de prov.-weg oversteken. Links bakker Zwartenkot en rechts bakker Berghuis. Bakkerij Zwartenkot dateert van voor de oorlog, Berghuis er na. Dat vond Zwartenkot eerst niet leuk…

Tussen 1947 en 1965 vertrokken veel gezinnen uit Noord-Groningen naar Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. Gebrek aan werk en toekomstperspectief dreven hen weg. Families raakten verspreid – vaak voorgoed.

Modernisering

Vanaf de jaren zestig veranderde het leven zichtbaar. Minder werk in de landbouw, maar veel hogere productie. Jongeren gingen langer naar school en kregen andere ambities. Velen vertrokken naar de stad of elders. De kerk verloor geleidelijk invloed. In 1967 kwamen er een gezamenlijke kleuterschool en dorpshuis. In 2007 fuseerden de kerken tot de PKN.

Nieuwe wijken ontstonden, vooral in Sauwerd. Forenzen uit Groningen kwamen wonen in de dorpen. In Adorp was van 1974 tot 2006 de “Warkstee”, een bijzondere woon- en werkgemeenschap die uitgroeide tot kringloopwinkel en meer. Er vond een grote ruilverkaveling plaats die het landschap ingrijpend veranderde.
De kleine dorpswinkels kwamen in de problemen. Concurrentie van supermarkten en grotere mobiliteit maakten het moeilijk. In Sauwerd houdt een coöperatie met vrijwilligers de dorpswinkel nog in stand. In Adorp is geen winkel meer over.

Tot slot

Zo is in honderd jaar een wereld veranderd. Van turf kachel en handwerk naar forenzen, ruilverkaveling en een PKN-kerk met vrouwelijke predikant. De generatie die dit allemaal heeft meegemaakt, wordt steeds kleiner. Hun verhalen vormen een kostbaar stukje geschiedenis van Adorp, Sauwerd en de Wetsinges – dorpen die klein bleven, maar toch volledig meegingen met de tijd.

Het jubileumboek is via de Dorpswinkel te Sauwerd en de kerk in Wetsinge verkrijgbaar voor 12,50 euro. Ook is het mogelijk het boek te bestellen door 18 euro (inclusief verzendkosten) over te maken op rekeningnummer NL88 RABO 0300 8052 68, ten name van de Historische Kring Ubbega. Bij betaling graag vermelden: Dorpsgenoten + naam en volledig adres.

Een eeuw leven en werken in Ubbega

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.